23-10-07

Column Oktober: "Als sportman was hij groot, als mens is hij niet te evenaren"

Hij was zeker niet de beste Belgische voetballer aller tijden, maar allicht wel de mooiste. Le très beau Ludo Coeck liep zoals Franz Beckenbauer, had dezelfde ranke gestalte en hij beschikte over een wondermooie lange pass, een fantastische balcontrole en een elegante techniek. Coeck was succesvol, iedereen hing aan de lippen van de gentleman die erg vlot was in omgang.

Ludo Coeck raakte al op 16-jarige leeftijd in het eerste elftal van Berchem. Daar werd hij al snel weggeplukt door Anderlecht. Twee keer won hij de Europabeker voor Bekerwinnaars, eenmaal de Uefa Cup. In 1983, op het hoogtepunt van zijn loopbaan, versierde Ludo Coeck een transfer naar Inter Milaan. Helaas, in november '83, tijdens een interland in Bern, werd zijn enkel zwaar aangetrapt. Hij moest voor de vijfde keer in zijn carrière onder het mes. In 1985 werd hij aan Ascoli uitgeleend.

Dik twee jaar na zijn droomtransfer liet hij het leven na een ongeval met de wagen. Het regende pijpenstelen, die donkere avond in oktober. Maar de geblesseerde voetballer, revaliderend van een enkeloperatie, zou zijn kinesist bezoeken. Een aanrijding met een vrachtwagen op het natte wegdek herleidde zijn BMW tot schroot. Coeck werd zwaar gewond uit het vehikel gehaald en bezweek twee dagen later aan zijn verwondingen, veertien dagen na zijn 30ste verjaardag. 9 oktober 1985, een zwarte dag in de Belgische voetbalgeschiedenis.

Op zijn graf staat te lezen: "Als sportman was hij groot, als mens is hij niet te evenaren." Op zijn doodskist legde zijn familie de marineblauwe pet waarop Ludo Coeck na elke selectie voor de Rode Duivels een gouden sterretje naaide: 46 in totaal.

Ludo Coeck speelde vier Europese finales met Anderlecht, en won er drie. Hij speelde bijna 300 wedstrijden in de Belgische competitie en 54 in de Europacup. In 1982 had hij de Gouden Schoen moeten winnen. Hij werd tweede achter Eric Gerets, die aanvoerder was op de Mundial in Spanje.

Eén grote troost voor Coeck: hij werd dat jaar door de internationale voetbalpers verkozen in het beste WK-elftal. Dit was het enige échte hoogtepunt in de loopbaan van Ludo Coeck in het Belgische elftal. De EK's van 1980 en 1984 moest hij wegens blessures aan zich voorbij laten gaan, en bij zijn debuut voor de nationale ploeg (in 1974 tegen Ijsland) stelde bondscoach Raymond Goethals hem op als... linksachter. Op 19 juni 1984 speelde hij zijn laatste interland, op het EK in Frankrijk tegen Denemarken, 3-2 nederlaag.

De talentboy scoorde slechts vier keer voor de Duivels, maar twee van zijn doelpunten waren van uitzonderlijke makelij. Zo was er zijn pegel op het WK in 1982 tegen El Salvador. Het jaar daarop deed hij tegen de toenmalige DDR die stunt nog eens over.

Hoogtepunten: Europacup voor Bekerwinnaars 1976 en '78; kampioen van België 1974 en 1981; beker van België 1975 en '76. Clubs: Berchem, Anderlecht, Internazionale en Ascoli.

 

14:25 Gepost door No in Column - RSCAfancom | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.